Van Automatisch naar handmatig fotograferen.. Zo doe je dat!

Gepubliceerd op 12 februari 2021 om 15:14

Je fotografeert al een tijdje op de automatische stand en wilt jezelf graag verder ontwikkelen als fotograaf.. ik neem je in deze blog mee in de basis instellingen.

Voordat we beginnen, is het goed om te weten waar de letters op de draaiknop voor staan. 
A - Diafragmavoorkeuze; jij bepaalt welk diafragma je wilt gebruiken en de camera kiest een bijpassende sluitertijd en ISO-waarde.

S - Sluitertijdvoorkeuze: Dit gebruik je wanneer je beweging wilt vastleggen/bevriezen of juist beweging wilt benadrukken. Wanneer je een sluitertijd gekozen hebt, kiest jouw camera een bijpassende ISO-waarde en diafragma.
Let op.. je camera gaat bij de A en S stand altijd uit van een neutrale belichting. Is je onderwerp donkerder of lichter dan de omgeving, kun je dit compenseren met de +/-.

M - Manuele stand: Hier bepaal jij alle 3 de elementen helemaal zelf. Wel laat jouw camera je weten of de foto over- of onderbelicht is. Compenseren doe je dan door te spelen met de diafragma keuze, ISO-waarde en sluitertijd. 

Om het iets makkelijker te maken heb ik een stappenplan voor je uitgeschreven. Als je dit stappenplan volgt (en vooral heeeeel veel oefent) moet het helemaal goed komen! Lets go...

  1. Afhankelijk van het licht bepaal je de ISO. Hoe vaker je fotografeert, hoe sneller je dit in kunt schatten. Hoe hoger de ISO, hoe lichter de foto, maar ook: grotere kans op ruis. Probeer deze in eerst instantie dus zo laag mogelijk te houden.
  2. Welk diafragma heb je nodig? Fotografeer je een portret op 1,5-2 m dan kun je tot de grootste diafragma gaan 1.8-3.5. Fotografeer je een object dat verder weg staat, heb je wellicht een 5-7 nodig.
  3. Je kiest de bijpassende sluitertijd om je onderwerp goed te belichten. Een stilstaand beeld kun je goed vastleggen op bijvoorbeeld1/80s. Terwijl een rond rennend kind pas echt scherp wordt op 1/250 of zelfs hoger.
  4. Je checkt voortdurend de belichtingsmeter (onderin of rechts van je zoekerbeeld). Als het op nul uitkomt, heb je een goede belichte foto.
  5. Je past de sluitertijd aan om de belichting aante passen. Je sluitertijd kun je dus gebruiken voor de  belichtingscompensatie. (Tenzij je bewust lange sluitertijd wilt om beweging in de foto te zien, dan gebruik je de diafragma keuze om de belichting goed te krijgen).
  6. Kom je sluitertijd of scherptediepte te kort of heb je teveel? Pas de ISO aan en begin weer bij stap 1.

Ga hier mee aan de slag en laat mij weten als je er niet uit komt. Dat kun je doen door hieronder een reactie te plaatsen.

heel veel succes!

 

Wat vond jij van deze blog? Ik ben heel nieuwsgierig! Laat je het mij weten in een reactie hieronder?


«   »

Reactie plaatsen

Reacties

Er zijn geen reacties geplaatst.